Deloitte had een 49-jarige partner niet voetstoots mogen schorsen op beschuldiging van het manipuleren van dossiers.
Dat heeft rechtbank Oost-Brabant bepaald.
Begin 2025 werd bekend dat Deloitte-accountants controledossiers van onderwijsinstellingen achteraf hadden aangepast, voorafgaand aan toetsing door de onderwijsinspectie. In september was het voorval bij het Ethics Office van Deloitte gemeld door een klokkenluider.
Deloitte nam “passende maatregelen”, met onder meer schorsing en aangezegd ontslag van een registeraccountant van het team Audit Public Sector, die sinds 2011 werkzaam was voor Deloitte, sinds 2013 als partner.
Deloitte vond dat sprake was van een “doodzonde” beging, maar de rechter stelt vast dat het kantoor “ernstig verwijtbaar” heeft gehandeld met de directe beschuldiging en ontslag. Immers, het was als praktijk die bij Deloitte om dossiers aan te passen.
Volgens Deloitte had de beschuldigde accountant niet alleen meegewerkt aan het aanbrengen van wijzigingen in reeds gearchiveerde dossiers, door deze goed te keuren en af te tekenen, maar heeft ook actief contact met de klant opgenomen om extra informatie op te vragen om die vervolgens aan het dossier te laten toevoegen. Ook was hij in 2022 en 2023 verantwoordelijk voor de coördinatie van de reviews, maar heeft hij geen einde gemaakt aan de ongeoorloofde bestaande praktijk van het doen van aanpassingen van reeds gearchiveerde dossiers voordat deze ter review werden aangeboden.
Aangezien niet onderbouwd is waarom Deloitte een einde aan deze jarenlange bestaande praktijk zou moeten maken, terwijl voorgangers van de beschuldigde dat in de voorgaande jaren evenmin hebben gedaan, kan dit volgens de rechtbank zonder nadere concrete toelichting van Deloitte geen (ernstig) verwijtbaar handelen van de accountant opleveren.